aNovo-actueel: telkens opnieuw kritisch kijken naar algemene maatschappelijke onderwerpen

Het Platform Houtrook en Gezondheid (met als belangrijkste leden het RIVM, TNO, VNG, Longfonds, de Stichting Houtrookvrij, verschillende GGD's en gemeenten) heeft op 8 maart 2018 een brief geschreven aan de Staatssecretaris van I en W met als onderwerp de aanpak van gezondheidseffecten door houtrook.

De volledige brief is hier te lezen. Onderstaand de belangrijkste aspecten:

- Het gebruik van open haarden, inzethaarden en vrijstaande kachels voor het verwarmen van woningen neemt de laatste jaren toe. Ongeveer 14% van de Nederlandse huishoudens bezit een met hout gestookte installatie. Het stoken van hout kan voor omwonenden overlast opleveren in de vorm van geurhinder, gezondheidsklachten en roetneerslag
- Het Platform Houtrook en Gezondheid vraagt u daarom actie te ondernemen om dit probleem te voorkomen dan wel sterk te verminderen.Tevens vragen wij u het probleem te herkennen en erkennen en te besluiten acties en maatregelen te (helpen) nemen conform ons voorstel. Dat voorstel is kortweg het volgende:
Het ontmoedigen van het stoken van hout door voorlichting om de schadelijke effecten van houtrook meer bekend te maken.
Het (mede) mogelijk maken van het ontwikkelen van een meetmethode en criteria voor onaanvaardbare overlast/gezondheidseffecten en bijbehorende regelgeving om handhaving mogelijk te maken.
- Het (mede) mogelijk maken van een systeem met eisen voor de gehele stookinstallatie en het gebruik ervan.

Verder verzoeken wij u deze problematiek en de aanpak ervan op te nemen in het op te stellen Nationaal Actieplan Luchtkwaliteit.
Houtstook door particulieren draagt bij aan de hoeveelheid fijnstof in ons leefmilieu. In 2011 ondervond 10% van de Nederlandse bevolking last van houtrook, lokaal kan dit percentage veel hoger zijn.

De Staatssecretaris heeft op 30 mei 2018 op deze brief geantwoord.

Samenvattend:

Het Platform stelt dat een groot aantal mensen overlast ervaart door houtrook, onder andere afkomstig van houtkachels, en refereert hierbij aan onderzoek van het CBS dat 10 procent van de Nederlanders overlast van diversevormen van houtrook ervaart.
Het Platform vraagt een aantal partijen waaronder de rijksoverheid actie te ondernemen om het probleem van houtrook van kachels en haarden te voorkomen dan wel sterk te verminderen. Het Platform doet een aantal voorstellen die neerkomen op:
• Voorlichting om de schadelijke effecten van houtrook meer bekend te maken.
• Het ontwikkelen van een meetmethode om handhaving mogelijk te maken.
• Het stellen van eisen aan de gehele stookinstallatie en het gebruik ervan.

Samen met onder meer de VNG worden deze voorstellen meegenomen in het Schone Lucht Akkoord, al vergt een aantal aanbevelingen nader onderzoek en nadere afstemming om te bezien of en hoe deze kunnen worden uitgewerkt. Eerst zullen de uitkomsten afgewacht worden van een onderzoek van het Planbureau voor de Leefomgeving naar de kosteneffectiviteit van maatregelen om de luchtkwaliteit te verbeteren en onderzoek van het RIVM naar de herkomst van fijnstof in Nederland. Met een aantal aanbevelingen zal al voor het komende stookseizoen aan de slag gegaan worden.

Een van de aanbevelingen van het Platform is om in te zetten op voorlichting aan mensen met een kachel. Op diverse plekken is al informatie terug te vinden voor stokers, onder meer via de website van het RIVM en de stookwijzer, maar het blijkt dat veel stokers zich niet bewust zijn van belangrijke kennis, zoals dat er beter niet gestookt kan worden bij windstil weer. Samen met gemeenten en de kachelbranche en door gebruik te maken van de al beschikbare informatie zal vóór het komende stookseizoen worden ingezet op uitbreiding van de bestaande voorlichting.


Een nadrukkelijke aanbeveling van het Platform is om gemeenten meer armslag te geven bij de handhaving van overlastsituaties. Een belangrijk aspect daarbij is dat gemeenten aangeven dat het moeilijk is om vast te stellen wanneer er sprake is van overlast doordat een goede meetmethode ontbreekt. TNO is gevraagd te onderzoeken of er een geschikte methode bestaat of ontwikkeld kan worden die door gemeenten met voldoende nauwkeurigheid en tegen acceptabele kosten kan worden gebruikt in overlastsituaties. Voor het gezondheidsaspect zal het RIVM betrokken worden bij deze opdracht. Naast overlast door de schadelijke componenten van houtrook speelt volgens het eerder aangehaalde onderzoek van MilieuCentraal ook hinder door geuroverlast een rol. Ook hiervoor wordt  met het Platform op korte termijn invulling gegeven om op basis van een onafhankelijk advies een methode te ontwikkelen om objectief de hinder te kunnen vaststellen.

Een van de andere aanbevelingen van het Platform is om actief een signaal af te geven als de weersomstandigheden zeer ongunstig zijn voor het stoken. In het verleden is samen met de gemeente Nijmegen een Stookwijzer ontwikkeld. Op basis van de Stookwijzer zal samen met gemeenten gewerkt worden aan een stookalert: een actief signaal dat uitgaat op het moment dat de weersomstandigheden ongunstig zijn en langere tijd blijven in combinatie met een slechte luchtkwaliteit. Gedacht kan worden aan de vorm van een sms bericht of een persbericht dat door lokale en landelijke nieuwsdiensten gebruikt kan worden. Stokers kunnen op basis van het alert besluiten om niet te stoken. De uitwerking zal plaatsvinden in overleg met de partijen in het Platform.

Met brief d.d. 15 januari 2019 heeft de Staatssecretaris toegezegd dat er scherpere eisen worden gesteld aan houtkachels. Tevens bevestigt ze dat TNO bezig is met een onderzoek om de schadelijke componenten in de rook te kunnen meten. In het SLA zullen nadere maatregelen worden afgewogen.